De waarden worden voor lutum en organisch stof gecorrigeerd volgens de rekenregels in bijlage G, onder I, om te bepalen of de kwaliteit van de grond of baggerspecie, die volgens het generieke kader of het kader voor grootschalige toepassingen op of in de bodem wordt toegepast, een van de volgende waarden overschrijdt:
de achtergrondwaarden, bedoeld in de tabellen 1 en 2 in bijlage B;
de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse wonen of industrie, bedoeld in tabel 1 van bijlage B;
de emissietoetswaarden, bedoeld in de tabellen 1 en 2 in bijlage B.
De gemeenteraad kan besluiten dat de lokale maximale waarden voor lutum en organische stof worden gecorrigeerd volgens de rekenregels in bijlage G, onder II, om te bepalen of de kwaliteit van de grond of baggerspecie, die volgens het gebiedsspecifieke kader op of in de bodem wordt toegepast, de lokale maximale waarden, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van het besluit, overschrijdt.
De gemeten gehalten worden voor lutum en organisch stof gecorrigeerd, volgens de rekenregels in bijlage G, onder III, om te bepalen of de kwaliteit van de grond of baggerspecie, die wordt toegepast in een oppervlaktewaterlichaam, een van de volgende waarden overschrijdt:
de achtergrondwaarden, bedoeld in de tabellen 1 en 2 in bijlage B;
de maximale waarden voor kwaliteitsklasse A, bedoeld in tabel 2 van bijlage B;
de maximale waarden voor kwaliteitsklasse B, zijnde de interventiewaarden voor de bodem of oever van oppervlaktewaterlichamen, bedoeld in tabel 2 van bijlage B,
de lokale maximale waarden, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van het besluit;
de emissietoetswaarden, bedoeld in de tabellen 1 en 2 in bijlage B.
In afwijking van het derde lid, worden de gemeten gehalten voor lutum en organisch stof gecorrigeerd volgens de rekenregels in onderdeel III van bijlage G, om te bepalen of de kwaliteit van de baggerspecie, die wordt toepast als bedoeld in artikel 35 onder f, g en i van het besluit, een van de volgende waarden overschrijdt:
de maximale waarden voor het verspreiden van baggerspecie over het aangrenzende perceel, bedoeld in tabel 1 van bijlage B;
de maximale waarden voor het verspreiden van baggerspecie in een oppervlaktewaterlichaam dat zoet water bevat, bedoeld in tabel 2 van bijlage B. Voor stoffen waarvoor geen maximale waarde is opgenomen geldt artikel 4.2.2, vierde en vijfde lid.
Artikel 4.2.2. Overschrijding van waarden
De kwaliteit van grond of baggerspecie overschrijdt de waarden, bedoeld in artikel 4.2.1, eerste lid, onder b, tweede lid, derde lid, onder b, c en d en vierde lid, onder b, indien voor een of meer van de gemeten stoffen het rekenkundig gemiddelde gehalte hoger is dan deze waarden.
De kwaliteit van baggerspecie overschrijdt de maximale waarden voor het verspreiden van baggerspecie in een oppervlaktewaterlichaam dat zout water bevat, indien voor een of meer van de gemeten stoffen het rekenkundig gemiddelde gehalte hoger is dan deze waarden.
De kwaliteit van baggerspecie overschrijdt de waarden, bedoel in artikel 4.2.1, vierde lid, onder a, indien :
het rekenkundige gemiddelde van de gehalten in de baggerspecie voor een of meer stoffen, waarvoor maximale waarden gelden voor het verspreiden van baggerspecie op het aangrenzende perceel, hoger is dan deze waarden;
het rekenkundig gemiddelde voor organische stoffen die deel uitmaken van het stoffenpakket dat wordt ingevoerd voor de berekening van de msPAF de msPAF 20% of hoger is, of indien het rekenkundig gemiddelde voor metalen de msPAF 50% of hoger is;
vvoor stoffen, niet zijnde stoffen bedoeld onder a of b, de kwaliteit van de baggerspecie de achtergrondwaarden overschrijdt, met inachtneming van de toetsingsregel, bedoeld in het vierde en vijfde lid.
De kwaliteit van grond of baggerspecie overschrijdt niet de achtergrondwaarden, bedoeld in de tabellen 1 en 2 in bijlage B, indien ten opzichte van de achtergrondwaarden:
bij meting van ten minste 2 stoffen het rekenkundig gemiddelde gehalte van maximaal 1 stof verhoogd is;
bij meting van ten minste 7 stoffen de rekenkundig gemiddelde gehalten van maximaal 2 stoffen verhoogd zijn;
bij meting van ten minste 16 stoffen in de grond of baggerspecie de rekenkundig gemiddelde gehalten van maximaal 3 stoffen verhoogd zijn;
bij meting van ten minste 27 stoffen de rekenkundig gemiddelde gehalten van maximaal 4 stoffen verhoogd zijn;
bij meting van ten minste 37 stoffen de rekenkundig gemiddelde gehalten van maximaal 5 stoffen verhoogd zijn.
Een verhoging als bedoeld in het vierde lid bedraagt per stof ten hoogste twee maal de daarvoor geldende achtergrondwaarde en overschrijdt niet de daarvoor geldende maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse wonen.
De grond of baggerspecie overschrijdt de maximale waarden voor de emissie, bedoeld in tabel 1 en 2 van bijlage B, indien voor één of meer stoffen de gemeten emissie van een representatief deelmonster hoger is dan de desbetreffende maximale waarden.
Bij het vaststellen van een overschrijding van de waarden, bedoeld in dit artikel, worden de regels in bijlage G, onder IV toegepast.
In afwijking van het vijfde lid vinden voor de stoffen nikkel (Ni) en PCB’s (som 7) geen toetsingen plaats aan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse wonen.
Artikel 4.2.3. Kengetal in bodemkwaliteitszone
In afwijking van artikel 4.2.2, eerste lid, kan de gemeenteraad of Onze Minister van Verkeer en Waterstaat of het algemeen bestuur van het waterschapop grond van respectievelijk de artikelen 44, eerste lid en 45, eerste lid, van het besluit, een bodembeheergebied indelen in bodemkwaliteitszones en daarvoor per stof een kengetal vaststellen om te bepalen of de kwaliteit van de grond of baggerspecie de lokale maximale waarden, bedoeld in de artikelen 44, eerste lid, en 45, eerste lid, overschrijdt.
Het kengetal, bedoeld in het vorige lid, is voor alle onderzochte stoffen gelijk aan of hoger dan het rekenkundig gemiddelde gehalte van de stof in de bodemkwaliteitszone.
De kwaliteit van grond of baggerspecie overschrijdt de lokale maximale waarden, bedoeld in artikel 4.2.1, tweede lid, indien voor een of meer van de gemeten stoffen het kengetal in de bodemkwaliteitszone waarvan de grond of baggerspecie afkomstig is, hoger is dan de lokale maximale waarden.
De kwaliteit van grond of baggerspecie overschrijdt de lokale maximale waarden, bedoeld in artikel 4.2.1, derde lid onder d, indien voor een of meer van de gemeten stoffen het kengetal in de bodemkwaliteitszone waarvan de grond of baggerspecie afkomstig is, hoger is dan de lokale maximale waarden.
Regeling bodemkwaliteit verwijst nu ook naar versie 2.0 van BRL SIKB 2100 en protocol 2101. Direct naar beide documenten. Versie 1.0 nog te gebruiken tot 1 januari 2013.
Bij een tussentijdse beoordeling van SIKB als Schemabeheerder op 9 december heeft de Raad voor Accreditatie geen tekortkomingen geconstateerd. SIKB heeft haar zaken dus goed op orde.
Alle documenten onder AP04 en AS SIKB 3000 zijn geactualiseerd. De nieuwe versies zijn beschikbaar, de vorige versies zijn, in plaats van tot 01-03-2012, nog te gebruiken tot 01-01-2013