De k-waarde wordt gedefinieerd als:
k = (log (maximale waarde) – y) / sy
Waarbij :
| – |
maximale waarde = voor bouwstoffen de betreffende maximale samenstellings- of emissieswaarde van bijlage A , voor grond of baggerspecie de geldende achtergrondwaarde, of de maximale waarde voor de bodemkwaliteitsklassen wonen, industrie, A of B, zoals opgenomen in bijlage B |
| – |
y = het gemiddelde van de log-getransformeerde waarnemingen |
| – |
sy = de standaarddeviatie van de log-getransformeerde waarnemingen |
| – |
waarneming = voor bouwstoffen de gemiddelde samenstellings- of emissiewaarde van een partij, voor grond of baggerspecie de gemeten kwaliteit van een partij. |
Het gemiddelde en de standaarddeviatie worden bepaald op basis van de laatste vijf of tien waarnemingen (tien voor een fabrikant-eigenverklaring). Hierbij wordt eerst de logaritme van de individuele waarneming genomen om vervolgens het gemiddelde van deze log-getransformeerde waarnemingen te bepalen.
In de onderstaande tabel zijn voor de verschillende klassen de minimaal benodigde k-waarden gegeven en de daarbij behorende minimale frequenties van de productiecontrole. Hierbij geeft N het aantal waarnemingen waarover de k-waarde is berekend.
|
Klasse |
k-waarde (N=5) |
k-waarde (N=10) |
Keuringsfrequentie |
|
Steekproefregime |
|||
|
90 / (> 99,9) |
> 6,12 |
> 4,63 |
Eén keuring per drie jaar |
|
90 / (99 – 99,9) |
≤ 6,12 |
≤ 4,63 |
Eén keuring per jaar |
|
90 / (90 – 99) |
≤ 4,67 |
≤ 3,53 |
Eén keuring per tien partijen (minimaal vijf per drie jaar) |
|
90 / (70 – 90) |
≤ 2,74 |
≤ 2,07 |
Eén keuring per vier partijen (minimaal tien per drie jaar) |
|
90 / (50 – 70) |
≤ 1,46 |
≤ 1,07 |
Eén keuring per twee partijen (minimaal vijf per jaar) |
|
Partijkeuringsregime |
|||
|
90 / (< 50) |
≤ 0,69 |
≤ 0,44 |
elke partij (minimaal tien per jaar) |
De waarde van γ hangt onder meer af van het aantal keuringen waarover de k-waarde wordt berekend (vijf of tien) en of het een vormgegeven of niet-vormgegeven bouwstof betreft.
|
Bepaling |
Aantal |
γ |
Keuringsfrequentie |
|
samenstelling bouwstoffen, uitloging niet-vormgegeven bouwstoffen, kwaliteit of emissie grond of baggerspecie |
vijf |
0,27 |
Eén keuring per jaar |
|
vijf |
0,17 |
Eén keuring per drie jaar |
|
|
tien |
0,26 |
Eén keuring per drie jaar |
|
|
uitloging vormgegeven bouwstoffen |
vijf |
0,41 |
Eén keuring per jaar |
|
vijf |
0,29 |
Eén keuring per drie jaar |
|
|
tien |
0,37 |
Eén keuring per drie jaar |
In de onderstaande tabel zijn voor de verschillende klassen de voorwaarden gegeven van de verdelingsvrije toets en de daarbij behorende minimale frequenties van de productiecontrole.
|
Klasse |
Aantal overschrijdingen in de reeks meest recente waarnemingen |
Keuringsfrequentie |
|
Steekproefregime |
||
|
90 / (90-99) |
geen overschrijdingen van de laatste 22, of ten hoogste 1 van de laatste 38 waarnemingen |
Eén keuring per tien partijen (minimaal vijf per drie jaar) |
|
90 / (70 – 90) |
geen overschrijdingen van de laatste 7, of ten hoogste 1 van de laatste 12 waarnemingen |
Eén keuring per vier partijen (minimaal tien per drie jaar) |
|
90 / (50 – 70) |
ten hoogste 1 overschrijding van de laatste 7, of 3 van de laatste 12 waarnemingen |
Eén keuring per twee partijen (minimaal vijf per jaar) |
|
Partijkeuringsregime |
||
|
90 / (< 50) |
2 of meer overschrijding van de laatste 7 en 4 of meer van de laatste 12 waarnemingen |
elke partij (minimaal tien per jaar) |