Architecten en Milieu-adviseurs
30-jul-2010
 
Milieu De Richtlijn mestverwerkingsinstallaties (uitgegeven door InfoMil, LA01) geeft in paragraaf 2.1 een definitie van mestbewerking en mestverwerking
Mestverwerking wordt gedefinieerd als de toepassing van basistechnieken of combinaties daarvan met als doel de aard, samenstelling of hoedanigheid van dierlijke mest te wijzigen. Zoals: scheiding, bezinking, toevoeging van additieven, vergisting, beluchting, droging, compostering indamping, vergassing en verbranding.
Mestbewerking wordt gedefinieerd als behandeling van dierlijke mest zonder noemenswaardige veranderingen aan het product teweeg te brengen. Bijvoorbeeld: mengen, roeren, homogeniseren en verwijderen van vreemde objecten zoals plastic folie en hoeven.

Dit o­nderscheid is van belang, omdat het beoordelingskader voor mestverwerking en mestbewerking verschillend is. Mestverwerking valt o­nder de Richtlijn. Mestbewerking niet; hierop is de Wm van toepassing.

Met enige regelmaat komt de vraag naar voren of iets gezien moet worden als be- of verwerken. De definitie in de Richtlijn geeft niet in alle gevallen volledige duidelijkheid. Een voorbeeld hiervan is het hygiëniseren van drijfmest met behulp van stoom.  

<TABLE border=1>

Beschrijving proces hygiënisatie
 In een praktijkgeval wordt de door de dieren geproduceerde mest opgevangen in een o­nder de dieren gesitueerde mestkelder met een bepaalde opslagcapaciteit. Voor verwerking wordt vanuit deze mestkelder de mest verpompt met een dompelpomp naar de buffervoorraadsilo. Buffering in een voorraadsilo is noodzakelijk voor een optimale benutting van de stoominjecteur en de warmtewisselaar. Vanuit de buffervoorraadsilo wordt de mest door de mestinjecteur gepompt. De stoominjecteur bestaat uit een volledig gesloten (buiten)buis en een daarin aangebrachte geperforeerde binnenbuis. De stoom, die in een externe ketel wordt opgewekt, wordt o­nder druk via de geperforeerde binnenbuis in aanraking gebracht met de aangevoerde ruwe mest. De mest wordt opgewarmd tot ten minste 70o C  waarmee een afdoding van Salmonella en Enterobacteriën wordt verkregen tot o­nder de niveaus die zijn weergegeven in de veterinaire richtlijn 92/118/EEG.
De beheersing van de temperatuurbehandeling van de mest wordt volautomatisch geregeld; continue temperatuurregistratie en vastlegging vindt plaats. De gehygiëniseerde mest wordt via de warmtewisselaar door een gesloten leidingsysteem naar de opslagbunker gepompt, die reeds in het bedrijfsgebouw aanwezig is. De bunker is volledig afgescheiden en is voorzien van een volledig, vogeldichte afgesloten kap. Indien nodig kan de kap voorzien worden van een zure wasser, waardoor eventuele afgassen die in de bunker o­ntstaan kunnen worden gezuiverd en waarmee eventuele emissies tot een minimum kunnen worden beperkt. De bunker is alleen toegankelijk via een deur aan de voorzijde van de kap. De opening van het leidingsysteem waarmee de gehygiëniseerde mest wordt aangevoerd bevindt zich o­nder op de bodem van de mestbunker. Het verwerkte mestprodukt vermengt zich bij het verlaten van de aanvoerleiding/ slang met de zich reeds in de mestbunker bevindende mest. De meegevoerde stoom wordt door de in de mestbunker reeds aanwezige mest gecondenseerd. De gehygiëniseerde (drijf)mest wordt uit de opslagbunker met een gesloten tankwagen afgevoerd c.q. getransporteerd.
Het bovenbeschreven mestverwerkingssysteem is volledig gesloten; de mest komt tijdens en na de verwerking niet rechtstreeks in aanraking met de buitenlucht.  De gehygiëniseerde mest mengt zich na behandeling met de reeds in de opslagbunker aanwezige behandelde mest, waardoor afkoeling plaatsvindt. De met de opgewarmde mest aangevoerde stoom wordt door de aanwezige (koude) mest gecondenseerd. 

Oordeel: mestbewerking of verwerking?
Naar de mening van VROM en LNV moet deze hygiënisatie volgens de definities en de achterliggende redenatie van de Richtlijn gezien worden als een vorm van mestbewerking. De redenen hiervoor zijn:
1. Het betreft hier een eenvoudige behandeling, bestaande uit het opwarmen van drijfmest tot ca. 70oC in een geheel gesloten systeem;
2. De fysische samenstelling van de drijfmest o­ndergaat geen noemenswaardige verandering als gevolg van de hygiënisatie van de mest: het mestproduct blijft hetzelfde mestproduct;
3. De aard van de behandeling komt overeen met de aard en bedoeling van de behandelingstechnieken die tot de mestbewerking worden gerekend. Het gaat hierbij om het verbeteren van de kwaliteit van de mest en niet tot het opsplitsen van de mest in een aantal mest(fracties) of producten of het verwijderen van nutriënten, zoals wordt beoogd bij de verwerking van mest.
Dit leidt tot de conclusie dat het hygiëniseren van drijfmest conform het beschreven systeem kan worden gedefinieerd als mestbewerking.

Regulering
Regulering hiervan zal in het kader van de Wet milieubeheer-vergunning moeten plaatsvinden, hetzij met een wijzigingsvergunning, hetzij met een melding op grond van artikel 8.19 Wet milieubeheer.

Notitie:

http://www.infomil.nl/

Geplaatst door bvdbos op maandag, 28 april 2003 (399 x gelezen)
    Printer vriendelijke pagina