| Op 1 oktober 2000 treedt de gewijzigde verordening Waterhuishouding Noord-Brabant in werking.
Dit kan mogelijk gevolgen voor u hebben indien u grondwater onttrekt. Bestaande grondwateronttrekkingen met een capaciteit kleiner of gelijk aan 10 m3 per uur uit een put dieper dan 30 meter zijn met ingang van 1 oktober 2000 vergunningplichtig. Op basis van het overgangsrecht kunt u vanaf 1 oktober 2000 tot 1 april 2001 voor deze onttrekkingen vergunning aanvragen. Zie hiervoor het aanvraagformulier. Na afloop van deze termijn worden er in beginsel geen vergunningen meer verleend. |
| Het overgangsrecht is NIET van toepassing indien de onttrekking:
- Kleiner is dan 10 m3 per uur en de pompput niet dieper is dan 30 meter. - Groter is dan 10 m3. - De onttrekking is gelegen in gebieden met de functie waternatuur of water voor de landnatuur. |
|
| De achtergrond van deze nieuwe regelgeving is dat er in de laatste jaren een sterke toename is waar te nemen van grondwateronttrekkingen voor het sproeien van tuinen en voor een eigen drinkwatervoorziening. Er wordt in veel gevallen tot op grote diepte geboord waarbij de beschermende (klei)lagen beperkt of zelfs niet worden afgedicht. Het diepe grondwater is met name gereserveerd voor de bereiding van producten met drinkwaterkwaliteit en voor de drinkwatervoorziening die van deze bron afhankelijk is. | |
| Ondanks grote verschillen in bodemopbouw in Brabant is door de provincie gekozen voor een eenduidige regelgeving. Vandaar dat voor onttrekkingen die dieper zijn dan dertig meter aanvullende regelgeving is gemaakt om ongewenst gebruik van het diepe grondwater te kunnen voorkomen. Bij vervanging van een pompput van een installatie kleiner of gelijk aan 10 m3 per uur mag de nieuwe put niet dieper zijn dan 30 meter beneden maaiveld.
Het aanvraagformulier opsturen naar: Provincie Noord-Brabant Bureau Grondwater - Kleine onttrekkingen Postbus 90151 5200 MC 's Hertogenbosch |
|